Foto Alfred Oosterman | Tekst Marjolein Scherphuis

Uitverkoop

Het geluid van de telefoon. Of je zin hebt in een paar uurtjes extra werk. ‘Niks bijzonders, gewoon een actietje in verband met de uitverkoop.’ Je chef ging nog even kijken of de extra uurtjes uitbetaald werden, het was immers ook wel een teken van jouw commitment aan de zaak als je meedeed. Hij sprak commitment uit als commietment. Iedereen deed zo’n beetje mee, gaf hij nog aan voordat hij zonder te groeten de verbinding verbrak. Je weet niet wat je moet verwachten maar je gaat, want blijkbaar is jeĀ commietment nodig om je bijbaan te behouden. Hij staat klaar met de shirtjes en de zakken. ‘Dit dan zo’n beetje over je hoofd en dan leuk bewegen, dat de mensen denken, wat een leuke meisjes, daar ga ik wat leuke dingetjes kopen. Knoop je shirtje maar hoog op, zodat de mensen je huidje een beetje kunnen zien.’ Je voelt de druk. De anderen vermijden oogcontact en doen wat hij vraagt. En daar sta je dan, in je eigen tijd, met een zak over je kop. Je duwt de gedachte weg dat je moeder je zo zal zien, zij herkent je onmiddellijk aan je navel. Verder weet niemand wie je bent, je bent ineens inwisselbaar. Je bent in de uitverkoop.
Als je wakker wordt is er nog steeds het geluid van de telefoon. Je trekt het dekbed over je hoofd en legt je handen over je oren. Niet opnemen, gewoon niet opnemen. De uitverkoop gaat vanzelf voorbij.