Foto Alfred Oosterman | Tekst Marjolein Scherphuis

Reizen

Ze doet het iedere werkdag. Eerst van huis naar de trein en eenmaal aangekomen op haar bestemming met de fiets naar het werk. Voortmaken, opschieten, zich haasten. Alleen in de trein is tijd. Daar reizen haar gedachten in alle richtingen. Het is fijn om die gedachten te kunnen volgen, zoals het fijn is om uit het raam te kijken en in de weerspiegeling mensen in de coupé te bespieden. Wie zijn ze, waar gaan zij heen, waar komen zij vandaan. Wat gaan ze doen. En met wie? Toeschouwer zijn, even niet hoeven handelen. Nu is haar alertheid terug, ze heeft het stuur in handen en richt haar blik op het verkeer. De overvliegende vogels ziet ze niet. Evenmin als het kunstwerk dat verwikkeld lijkt in een vruchteloze poging om met de vlucht mee te reizen. Ze kiest richting. Als ze flink doorfietst, haalt ze het.